|
Reisverslag jan/febr 2011.
De jaarwisseling hebben we net gehad. De koffers zijn gepakt. Een tuut centen in de buiktasjes. Rinse en Grietje Tigchelaar nemen De Welstand over. Dat gaat al jaren goed. Joris brengt ons midden in de nacht naar Schiphol. Het is niet glad en het sneeuwt niet. Na 8 uur vliegen landen we op Entebbe airport in Oeganda. We zijn goed voorbereid. Je kunt alles regelen via email. Mensen van het hotel staan ons al op te wachten. Dat is vertrouwd. Na een half uurtje zitten we op het terras met een heerlijk koud biertje. Een heerlijk avondbriesje bij 22 graden. De volgende morgen 9 uur stappen we in de taxi van Mike. Hij brengt ons naar de bus in Kampala. Openbaar vervoer is heel goedkoop in Afrika en de lijnbussen zijn goed. Een kaartje kost nog geen 5 euro. Om 11 uur vertrekt de bus luid toeterend door de chaotische binnenstad van Kampala. Het is een sneldienst naar Bukoba in Tanzania. De toeter is een machtig wapen , waar iedereen respect voor heeft. De wegen zijn goed maar smal. De bus heeft overal voorrang en laat melodieuze klanken horen uit de toeter. Om half 5 zijn we bij de grens. Iedereen stapt uit om visa te regelen voor Tanzania. Geldwisselaars zijn heel aardig bij de grens, maar ze weten je wel te beduvelen. Altijd een klein bedrag wissel ik. Ze kennen me al. Een half uurtje later rijden we over de wegen van Tanzania. Het is nog een uurtje naar Bukoba. Silvery staat ons al op te wachten. Hij heeft een taxi geregeld. Het is een vertrouwd geluid. Habari bwana. Karibu sana. Hoe gaat het. Hartelijk welkom. In een gammele taxi over een onverharde weg door het swampgebied naar Mugana. Weg uit de drukte naar de rust. De zusters heten ons enthousiast welkom. Editha heeft eten gekookt. We zijn weer thuis. Het huis ziet er goed onderhouden uit, de tuintjes zijn geharkt. Bananen aan de bomen. Dus voldoende regen dit jaar. Na enkele dagen het eerste project. Er is een groot gebrek aan meststoffen. Ik heb Silvery en Philemon voorgesteld Oude toiletten leeg te scheppen en dit als meststof te gebruiken. Ze willen dit wel doen, maar dan wel met beschermende kleding. Dus we gaan naar de stad en kopen laarzen, regenpakken en tuinhandschoenen. De toiletten bestaan uit een gat in de grond waar enkele jaren behoefte op is gedaan. Daarna een nieuw gat in de grond enz. De oude gecomposteerde toiletten bevatten goede meststoffen voor de tuin. In dit geval voor een bosbouwproject. Hiermee kunnen jonge boompjes opgekweekt worden. We hopen maar dat de lokale partners hiermee door zullen gaan. Overal liggen oude toilethuizen, die geschikt zijn om leeggehaald te worden. Bosbouwprojecten krijgen hierdoor een extra impuls, want de grond die beschikbaar is heeft meststoffen nodig, anders groeit er niets. Na 10 dagen worden we opgehaald door onze vrienden Faustin en Aurelia. We gaan naar de projecten in Karagwe ongeveer 80 km verderop. In Karagwe is geen elektriciteit. Lineke en ik slapen er in een klein bed van 1.10x1.80. Als je van elkaar houdt , kan dit net. Het is vroeg donker, dus na het eten nog even bij een kampvuurtje op de binnenplaats en dan de koffer in. De temperatuur is hier overdag 25 graden en ’s nachts 15. We hebben de luiken open en bewonderen een prachtige sterrenhemel. Omdat het aardedonker is zijn de sterren wel 3 keer groter dan hier. We bezoeken een groot aantal bosbouwprojecten en de school waar we elektriciteit gebracht hebben in de vorm van zonnepanelen en een kleine windturbine. Als we in het donker terug rijden is de school volledig verlicht. De resultaten van deze school zijn 20% gestegen omdat er meer huiswerk gemaakt wordt. Dat kan nu met licht, immers aan de Evenaar is het iedere avond donker om 7 uur. Middelbare scholen hebben 600 leerlingen, waarvan de meeste leerlingen intern wonen. Bosprojecten hebben onze aandacht, omdat dit werk en inkomen kan geven aan mensen die niets hebben. Land ligt er in overvloed. De regens zorgen voor erosie, waardoor vruchtbare aarde wegspoelt en rotsen overblijven. De boomwortels zorgen ervoor dat erosie stopt en zijtakken kunnen energie geven om eten op te koken. Er zijn nu al enkele duizenden mensen actief in de bosbouw. Er wachten er nog heel veel die mee willen doen. Er is een kader dat uitstekend werk verricht. Zij zorgen voor voldoende kweekmateriaal en controle. We komen hier al jaren en zien dat het stapje voor stapje beter wordt. We willen een educatiecentrum afbouwen, zodat vrouwen en meisjes meer onderwijs krijgen. We hebben plannen voor plantaardige olie, zodat er eigen energie is. We willen meer scholen eigen stroom geven. Het is een totaal andere wereld, maar wel erg leuk, zo midden in de winter. Lineke en Jos Duindam |